Video's

Video ProBuild Lions WebTV game vs. Wereldtickets.nlSuper Cup NBB Dameseredivisie 2010: Lions-Den Helder (ProBuild Lions WebTV)Flashback: Brian Laing (toen Seton Hall, nu Magixx Pl. for KidsRights)

Beeldverslagen

Foto's Henk Eggens van GasTerra Flames-BS WeertFoto's Anneke Wals ProBuild Lions-Wereldtickets.nl (74-55)Foto's Harry Kraak van Tubbergen-Den Helder (89-99)

Wedstrijden

De Stand

“WE ZULLEN OP DE LANGE TERMIJN MOETEN DENKEN”

“WE ZULLEN OP DE LANGE TERMIJN MOETEN DENKEN”

De open brief van Jan Poels over de arbitrage tijdens de halve finale tussen ProBuild Lions en AutoCAD Amazone deed veel stof opwaaien. Vrijwel tegelijkertijd verscheen een artikel over de jeugdopleidingen in het vrouwenbasketbal. Met Henk Wals, voorzitter van de Stichting Top Basketbal Landsmeer, spraken we over de diverse facetten van deze discussie en de ambities van de Lions.

DOOR MATTHIJS VAN DEN BEUKEL

Na alle discussies de laatste weken willen we graag van een insider weten hoe het nu echt zit met de jeugdopleiding bij ProBuild Lions. Wat kun je ons daar over vertellen?
In het artikel over jeugdopleidingen signaleer je dat er bij ProBuild weinig jeugdspeelsters doorstromen naar de eredivisie. En dat klopt ook. Wij blijven wat dat betreft in gebreke en dat zit ons behoorlijk dwars. Want wij zijn wel een grote, gezonde club met bijna driehonderd leden. En in de breedte doen we het niet slecht. Dit jaar won geen enkele club in Nederland over al hun teams genomen meer wedstrijden dan wij. De NBB houdt dat bij. We hebben ook een rolstoelteam dat landskampioen geworden is en een paar talentvolle landelijke jeugdteams bij de jongens in het Bolwerk Waterland. Daarnaast hebben we nog een meisjes U16 met - denken we op dit moment - drie of vier potentiële eredivisiespeelsters. En een hele grote groep razendenthousiaste kinderen in de basisschoolleeftijd. Dus er zijn ook buiten de dames-1 zaken waarop we trots zijn. Toch hebben we nog een hele weg te gaan, als het op toptalentontwikkeling aankomt. We werken er sinds een jaar of twee, drie hard aan, maar moeten op de lange termijn denken als we structureel succesvol willen zijn. Ten opzichte van clubs als Grasshoppers, Den Helder, Lokomotief en Twente hebben we een achterstand in te lopen. Dat kost gewoon tijd.

Op welke manier maakt ProBuild dat denken op lange termijn praktisch?
We richten om te beginnen onze aandacht vooral op de U10 en de U12 en werken dan jaar voor jaar omhoog. We proberen veel kinderen uit die leeftijd aan te trekken en gaan dan met hen aan de slag. Dat doen we bijvoorbeeld met een heel succesvol schoolprogramma dat we hebben opgezet in Amsterdam Noord. Het wordt gerund door Laki Lakner, Dwight van West en de Amerikaanse speelsters. En die combinatie tussen topsport en breedtesport werkt echt! Tientallen kinderen willen dolgraag lid te worden en komen ook om de dames 1 aan te moedigen. Molly en Kati zijn idolen voor hen. Echt fantastisch om te zien. We kunnen de toeloop nauwelijks aan. We zetten onze beste trainers nu op de jongste jeugd. Laki en Dwight nemen volgend jaar elk twee teams in de jongste categorieën voor hun rekening. Ook andere goede trainers zullen zich meer op de jongste leeftijdscategorieën gaan richten. Dat zou dan over pakweg een jaar of zes resultaat moeten opleveren in de landelijke competities, als het gaat zoals we hopen.

Op een gegeven moment moeten de talenten die door het nieuwe beleid uit de jeugdopleiding stromen ook de ruimte krijgen in Dames 1 of een ander topteam, bijvoorbeeld door speelsters tijdelijk bij een andere club te laten spelen. Dat is in de voetbalwereld bijvoorbeeld erg gebruikelijk. Hebben jullie al een idee hoe jullie de potentie van de vernieuwde jeugdopleiding gaan omzetten in speelsters die doorbreken op het hoogste niveau?
Talent is aangeboren, je kan het niet "maken". Wat je kunt doen is talenten helpen het maximum uit zichzelf te halen. Echt toptalent is schaars. Niemand vult een topteam in de eredivisie volledig met speelsters uit de eigen opleiding, ook Den Helder of Twente niet. En in de voetbalwereld gebeurt dat evenmin, trouwens. Hoeveel eigen kweek zit er in het eerste van Ajax of PSV? Op de vingers van een hand te tellen. Ik denk wel dat we met z'n allen talent beter kunnen opleiden, door regionale talentcentra voor veertien- tot achttienjarige jongens en meisjes op te zetten in samenwerking met scholen. Daaraan zouden wij wel een bijdrage willen leveren voor onze regio. Er bestaan al een paar mooie initiatieven, zoals in Groningen, Limburg en Rotterdam. Bij ProBuild willen we uiteindelijk wel weer een promotiedivisieteam hebben, of een meisjes eredivisieteam. Als er maar sprake is van een doorlopende lijn. Maar ik heb er ook geen probleem mee als meiden tijdelijk of permanent ergens anders gaan spelen. Samenwerking met een promotiedivisieclub is zeker een optie, We praten op dit moment met BV Lely over een partnership; hopelijk gaat dat wat worden.

Het is overigens ook een gave om elk jaar grote talenten aan te trekken. Niet alleen uit de Verenigde Staten, maar ook uit Nederland. Hoe krijgen jullie dat voor elkaar?
In de discussies op Powerforward en andere blogs wordt soms gesuggereerd dat ProBuild over een onbeperkte hoeveelheid geld beschikt en daarmee links en rechts speelsters wegkoopt. Dat is onzin. We hebben een redelijk goede en stabiele financiële basis met veel kleine sponsoren, maar er zijn in de dameseredivisie wel clubs die met een groter budget werken dan wij. Wij zijn helemaal niet zo rijk als veel mensen aannemen. De onkostenvergoedingen die wij kunnen betalen zijn bescheiden, maar we kunnen wel veel bieden in de facilitaire sfeer. Speelsters komen dan ook niet naar ProBuild voor het geld, maar omdat ze beter willen worden als basketbalster. Ze weten dat ze van onze coaching staf kunnen leren, dat ze met de beste speelsters trainen, dat ze veel trainingsuren maken, dat er goede medische en fysische faciliteiten zijn en dat de sfeer uitstekend is. En natuurlijk komen ze omdat ze graag in een winning team spelen. Voor de meeste speelsters zijn dat overwegingen die veel belangrijker zijn dan geld. En als je als club eenmaal die status hebt, zijn er genoeg speelsters die graag willen komen, zelfs als ze een lagere onkostenvergoeding krijgen dan bij hun vorige club. Wat dat betreft hebben we het nu veel makkelijker dan pakweg vijf jaar geleden. Maar daarvoor hebben we wel heel hard moeten werken. En dat doen we nog steeds. Dat zien veel mensen over het hoofd.

Op welke manier scouten jullie naar speelsters en bepalen jullie of een bepaalde basketbalster bij het team past?
Het gaat er inderdaad om of een speelster in het team past. Er zijn speelsters die iedereen heel goed vindt omdat ze er veel punten ingooien, maar die toch niet zou gauw bij ons terecht zullen komen. Laki let vooral op mentaliteit, hoe graag iemand wil winnen en daarvoor wil werken. Bij ProBuild maak je toch al gauw zo'n dertien tot veertien uren per week, fitness en videosessies meegerekend. Dat is zelfs nog afgezien van eventuele reistijd. Verder moeten meiden die bij ons willen spelen, bereid zijn te verdedigen en zich daarin bij te laten scholen. We hebben speelsters gehad die al jaren in de eredivisie speelden, zonder dat ze wisten wat een hedge was, of hoe ze een correcte help-side defense moesten spelen. Het kost ze vaak aardig wat tijd om de finesses van onze verdediging onder de knie te krijgen. Maar eenmaal zover, dan kunnen ze ook wel wat.

Wat Amerikaanse speelsters betreft: dat is een kwestie van heel veel DVD's kijken en alle mogelijke informatie van het internet afschrapen. Laki voert ook lange telefoongesprekken met de kandidate zelf en vaak ook haar coaches. We letten daarbij niet alleen op de speltechnische eigenschappen, maar proberen ook zoveel mogelijk inzicht te krijgen in de karaktereigenschappen van een speelster. Ze moet passen in ons team en in onze speelstijl. Het gaat erom het risico van een miskoop zoveel mogelijk te beperken, al sluit je deze nooit uit.

Momenteel strijdt ProBuild jaarlijks mee om de prijzen, mede door het succesvol scouten. Voor Nederlandse speelsters en het Nederlands basketbal zou het van toegevoegde waarde zijn als een dergelijke topclub ook op Europees niveau uitkomt. Als het Nederlands kampioenschap het plafond is, stabiliseert de groei op een gegeven moment ook al. Is Europees basketbal een realistische optie voor de Lions?
Europa is zeker een wens, maar ik denk niet dat we dat het komende jaar al realiseren. Het beleid is om het elk jaar sportief, organisatorisch en financieel een stukje beter te doen. Over het geheel genomen lukt dat, maar financieel hebben we met de crisis van het afgelopen jaar wel een tikje gehad. Daardoor is ook ons budget teruggelopen. Niet rampzalig, maar we voelen het wel. De kosten voor het spelen in Europa zijn tweeledig. Enerzijds heb je de reis- en verblijfskosten en dergelijke, wat al gauw neerkomt op zo'n 15.000 euro per ronde. Anderzijds zul je om serieus mee te kunnen doen ook nog extra versterking moeten halen in de vorm van Europa-waardige speelsters. En dan gaat de teller pas echt lopen. Op dat punt zitten we momenteel echt nog niet.

Is dit een punt waar het NOC*NSF, met het oog op de eventuele Olympische Spelen van 2028, een rol in zou kunnen spelen? Of ben je dan volledig aangewezen op sponsors en investeerders?
NOC*NSF richt zich voor zover ik weet vooral op nationale teams. De prestaties daarvan bepalen je ranking als sportnatie. En daarmee zijn weer allerlei economische belangen verbonden. Daarom wordt er zoveel overheidsgeld in geïnvesteerd. Het CTO bijvoorbeeld is er vooral op gericht speelsters op te leiden om het nationale team sterker te maken. Als club ben je volledig aangewezen op eigen sponsors. In sommige gevallen wil een gemeente nog wel eens bijspringen, maar daarover hoeven wij ons in het dorpje Landsmeer weinig illusies te maken.

Zijn er nog andere manieren om het Nederlands basketbal te laten groeien, buiten het laten spelen in Europa van de topclubs?
Daar kan ik heel kort mijn persoonlijke mening over geven: we zullen op de lange termijn moeten denken. Er moet een breed onderschreven beleid komen, dat gebaseerd is op meerdere peilers. Het basketbal moet een veel bredere grondslag krijgen. Hoe meer basketballers, hoe groter de kans dat er natuurtalent tussen zit. Daarom moeten er nog veel meer schoolprogramma's komen om kinderen van rond de tien jaar aan het basketballen te krijgen. Als de kinderen daarvoor kiezen, moeten er in de clubs goede trainers klaarstaan om ze op te vangen. Nu worden de jongste groepen nog vaak overgelaten aan goedwillende ouders die vroeger ook wel eens een balletje hebben gegooid. Ten tweede zou het mooi zijn als er meer regionale talentontwikkelingscentra komen voor jeugd tussen de veertien en achttien jaar oud. Clubs kunnen daarin samenwerken. Het landelijke CTO zou zich ook zoveel mogelijk op jonge talenten moeten richten. Het beleid zou meer in overleg met de clubs moeten worden bepaald. Er moet een win-win situatie komen, niet de concurrentie om de speelsters die we nu hebben. Ten derde moet de NBB veel meer aandacht schenken aan de opzet, onderhoud en ondersteuning van sterke en gezonde eredivisiecompetities, want de clubcompetitie vormt nog steeds de basis van de sport. Nu lijkt het soms of alleen de nationale teams van belang gevonden worden.

Is het, als je naar de situatie van ProBuild kijkt, mogelijk om dergelijke talentopleidingscentra voor vijftien- tot achttienjarigen te koppelen aan eredivisieclubs?
Wij zouden dat graag zien gebeuren en willen daaraan meewerken. We zijn aan het nadenken over een opzet met wie we daarin kunnen samenwerken. De NBB komt binnenkort met richtlijnen voor zulke talentcentra. Daar gaan we dan heel goed naar kijken.

Welke rol kan het DEC spelen om de groei van het vrouwenbasketbal te bevorderen, ook gekeken naar het speelveld waarin deze commissie kan opereren?
De oprichting van de DEC vind ik en grote stap vooruit. In een jaar is er al veel bereikt: afspraken over de aanstelling van Amerikaanse speelsters, een competitiegids, de instelling van de Supercup en het All Stargala, bijvoorbeeld. De eredivisie moet beter in de markt gezet worden en dit zijn de eerste stappen. De DEC pikt de zaken op die de NBB heeft laten liggen en doet dat op de juiste manier, namelijk in nauw overleg met de clubs. Ik ben daar persoonlijk blij mee.

Wat versta je onder sterke en gezonde eredivisiecompetities en wat moet er qua opzet, onderhoud en ondersteuning vanuit de NBB anders dan op dit moment gebeurt?
Waar het vooral om gaat, is dat we de eredivisiecompetitie moeten beschouwen als een gezamenlijk product. Dat product willen we zo goed mogelijk maken en professioneel promoten. Die professionaliteit kunnen we als clubs niet stukvoorstuk in huis halen, maar op bondsniveau kan dat misschien wel. Er moet meer publiek komen, meer belangstelling van de pers en vooral de televisie. We zitten wat dat betreft met onze sponsorinkomsten tegen een plafond aan. Geen sponsor gaat meer dan enkele tienduizenden euro's neerleggen als je - zoals wij in het vrouwenbasketbal - niet op TV of in de landelijke pers komt. Dus blijven we over het geheel genomen in een stadium van amateurisme hangen. Een doorbraak bereiken is uiterst moeilijk, maar dat is geen reden om het te laten liggen. Een eerste stap is dat je het zo moet regelen dat eredivisiewedstrijden aantrekkelijke gebeurtenissen vormen. Dat moeten de clubs zelf organiseren, maar op een hoger niveau betekent het bijvoorbeeld een stabiele competitieopzet, die niet elk jaar wijzigt. Het betekent ook dat de kwaliteit van de arbitrage niet al te veel moet achterblijven bij het niveau van de wedstrijden. Een normale promotie/degradatie-situatie zou ook prettig zijn. En dat we een bondscoach hebben die tevens clubcoach is, vind ik ook niet erg gezond. De DEC kan veel betekenen, maar er is meer sturing en visie nodig vanuit de NBB. Men is daar onder NOC*NSF-invloed nu bijna volledig gefocust op de nationale teams. Die zijn zeker belangrijk, maar zonder sterke competities zullen onze nationale tams niet structureel aan de top kunnen verblijven, denk ik. De NBB zou dat moeten zien.

Tot slot, als we alles op een rij zetten, zou je kunnen concluderen dat er nog heel veel beleidsveranderingen op club- en bondsniveau mogelijk zijn om de potentie die toch aanwezig is te ontsluiten in Nederland. Als je realistisch kijkt naar deze mogelijkheden, het verleden en de diverse factoren, waar denk je dan dat de ProBuild Lions zullen staan over vijf jaar?
Ik heb geen idee. Ik kan hoogstens zeggen waarnaar we streven. Dat is een club die over een goede jeugdopleiding beschikt, samenwerkt met andere clubs en scholen voor wat betreft toptalentontwikkeling en een club waarvan de dames nog steeds aan de top staan en hun eerste schreden in Europa hebben gezet. Maar we moeten realistisch zijn. Het sponsorplafond waarover ik het had, is moeilijk te doorbreken. En basketbaleredivisieclubs zijn in Nederland per definitie onstabiel. Er hoeven maar wat grotere sponsoren weg te vallen of een paar vrijwilligers te stoppen, en de tent gaat plat. Helaas zijn er genoeg voorbeelden te vinden.

© Foto's: Tine Sierink

 

Auteur: Powerforward.nl
Reacties
Reageer!

Verplichte velden zijn met een * gemarkeerd


Veiligheidscode