
“WE ZULLEN OP DE LANGE TERMIJN MOETEN DENKEN”
De
open brief van Jan Poels over de arbitrage tijdens de halve finale
tussen ProBuild Lions en AutoCAD Amazone deed veel stof opwaaien.
Vrijwel tegelijkertijd verscheen een artikel over de jeugdopleidingen
in het vrouwenbasketbal. Met Henk Wals, voorzitter van de Stichting
Top Basketbal Landsmeer, spraken we over de diverse facetten van deze
discussie en de ambities van de Lions.
DOOR
MATTHIJS VAN DEN BEUKEL
Na
alle discussies de laatste weken willen we graag van een insider
weten hoe het nu echt zit met de jeugdopleiding bij ProBuild Lions.
Wat kun je ons daar over vertellen?
In
het artikel over jeugdopleidingen signaleer je dat er bij
ProBuild weinig jeugdspeelsters doorstromen naar de eredivisie. En
dat klopt ook. Wij blijven wat dat betreft in gebreke en dat zit ons
behoorlijk dwars. Want wij zijn wel een grote, gezonde club met bijna
driehonderd leden. En in de breedte doen we het niet slecht. Dit jaar
won geen enkele club in Nederland over al hun teams genomen meer
wedstrijden dan wij. De NBB houdt dat bij. We hebben ook een rolstoelteam dat landskampioen geworden is en een
paar talentvolle landelijke jeugdteams bij de jongens in het Bolwerk
Waterland. Daarnaast hebben we nog een meisjes U16 met - denken we
op dit moment - drie of vier potentiële eredivisiespeelsters. En een
hele grote groep razendenthousiaste kinderen in de
basisschoolleeftijd. Dus er zijn ook buiten de dames-1 zaken waarop
we trots zijn. Toch hebben we nog een hele weg te gaan, als het op
toptalentontwikkeling aankomt. We werken er sinds een jaar of twee,
drie hard aan, maar moeten op de lange termijn denken als we
structureel succesvol willen zijn. Ten opzichte van clubs als
Grasshoppers, Den Helder, Lokomotief en Twente hebben we een
achterstand in te lopen. Dat kost gewoon tijd.
Op
welke manier maakt ProBuild dat denken op lange termijn praktisch?
We
richten om te beginnen onze aandacht vooral op de U10 en de U12 en
werken dan jaar voor jaar omhoog. We proberen veel kinderen uit die
leeftijd aan te trekken en gaan dan met hen aan de slag. Dat doen we
bijvoorbeeld met een heel succesvol schoolprogramma dat we hebben
opgezet in Amsterdam Noord. Het
wordt gerund door Laki Lakner, Dwight van West en de Amerikaanse
speelsters. En die combinatie tussen topsport en breedtesport werkt
echt! Tientallen kinderen willen dolgraag lid te worden en komen ook
om de dames 1 aan te moedigen. Molly en Kati zijn idolen voor hen.
Echt fantastisch om te zien. We kunnen de toeloop nauwelijks aan. We
zetten onze beste trainers nu op de jongste jeugd. Laki en Dwight
nemen volgend jaar elk twee teams in de jongste categorieën voor hun
rekening. Ook andere goede trainers zullen zich meer op de jongste
leeftijdscategorieën gaan richten. Dat zou dan over pakweg een jaar
of zes resultaat moeten opleveren in de landelijke competities, als
het gaat zoals we hopen.
Op
een gegeven moment moeten de talenten die door het nieuwe beleid uit
de jeugdopleiding stromen ook de ruimte krijgen in Dames 1 of een
ander topteam, bijvoorbeeld door speelsters tijdelijk bij een andere
club te laten spelen. Dat is in de voetbalwereld bijvoorbeeld erg
gebruikelijk. Hebben jullie al een idee hoe jullie de potentie van de
vernieuwde jeugdopleiding gaan omzetten in speelsters die doorbreken
op het hoogste niveau?
Talent
is aangeboren, je kan het niet "maken". Wat je kunt doen is
talenten helpen het maximum uit zichzelf te halen. Echt toptalent is
schaars. Niemand vult een topteam in de eredivisie volledig met
speelsters uit de eigen opleiding, ook Den Helder of Twente niet. En
in de voetbalwereld gebeurt dat evenmin, trouwens. Hoeveel eigen
kweek zit er in het eerste van Ajax of PSV? Op de vingers van een
hand te tellen. Ik denk wel dat we met z'n allen talent beter
kunnen opleiden, door regionale talentcentra voor veertien- tot
achttienjarige jongens en meisjes op te zetten in samenwerking met
scholen. Daaraan zouden wij wel een bijdrage willen leveren voor onze
regio. Er bestaan al een paar mooie initiatieven, zoals in Groningen,
Limburg en Rotterdam. Bij ProBuild willen we uiteindelijk wel weer
een promotiedivisieteam hebben, of een meisjes eredivisieteam. Als er
maar sprake is van een doorlopende lijn. Maar ik heb er ook geen
probleem mee als meiden tijdelijk of permanent ergens anders gaan
spelen. Samenwerking met een promotiedivisieclub is zeker een optie,
We praten op dit moment met BV Lely over een partnership; hopelijk
gaat dat wat worden.
Het
is overigens ook een gave om elk jaar grote talenten aan te trekken.
Niet alleen uit de Verenigde Staten, maar ook uit Nederland. Hoe
krijgen jullie dat voor elkaar?
In
de discussies op Powerforward en andere blogs wordt soms gesuggereerd
dat ProBuild over een onbeperkte hoeveelheid geld beschikt en daarmee
links en rechts speelsters wegkoopt. Dat is onzin. We hebben een
redelijk goede en stabiele financiële basis met veel kleine
sponsoren, maar er zijn in de dameseredivisie wel clubs die met een
groter budget werken dan wij. Wij zijn helemaal niet zo rijk als veel
mensen aannemen. De onkostenvergoedingen die wij kunnen betalen zijn
bescheiden, maar we kunnen wel veel bieden in de facilitaire sfeer.
Speelsters komen dan ook niet naar ProBuild voor het geld, maar omdat
ze beter willen worden als basketbalster. Ze weten dat ze van onze
coaching staf kunnen leren, dat ze met de beste speelsters trainen,
dat ze veel trainingsuren maken, dat er goede medische en fysische
faciliteiten zijn en dat de sfeer uitstekend is. En natuurlijk komen
ze omdat ze graag in een winning
team
spelen. Voor de meeste speelsters zijn dat overwegingen die veel
belangrijker zijn dan geld. En als je als club eenmaal die status
hebt, zijn er genoeg speelsters die graag willen komen, zelfs als ze
een lagere onkostenvergoeding krijgen dan bij hun vorige club. Wat
dat betreft hebben we het nu veel makkelijker dan pakweg vijf jaar
geleden. Maar daarvoor hebben we wel heel hard moeten werken. En dat
doen we nog steeds. Dat zien veel mensen over het hoofd.
Op
welke manier scouten jullie naar speelsters en bepalen jullie of een
bepaalde basketbalster bij het team past?
Het
gaat er inderdaad om of een speelster in het team past. Er zijn
speelsters die iedereen heel goed vindt omdat ze er veel punten
ingooien, maar die toch niet zou gauw bij ons terecht zullen komen.
Laki let vooral op mentaliteit, hoe graag iemand wil winnen en
daarvoor wil werken. Bij ProBuild maak je toch al gauw zo'n dertien
tot veertien uren per week, fitness en videosessies meegerekend. Dat
is zelfs nog afgezien van eventuele reistijd. Verder moeten meiden
die bij ons willen spelen, bereid zijn te verdedigen en zich daarin
bij te laten scholen. We hebben speelsters gehad die al jaren in de
eredivisie speelden, zonder dat ze wisten wat een hedge
was, of hoe ze een correcte help-side
defense
moesten spelen. Het kost ze vaak aardig wat tijd om de finesses van
onze verdediging onder de knie te krijgen. Maar eenmaal zover, dan
kunnen ze ook wel wat.
Wat Amerikaanse speelsters betreft: dat
is een kwestie van heel veel DVD's kijken en alle mogelijke
informatie van het internet afschrapen. Laki voert ook lange
telefoongesprekken met de kandidate zelf en vaak ook haar coaches. We
letten daarbij niet alleen op de speltechnische eigenschappen, maar
proberen ook zoveel mogelijk inzicht te krijgen in de
karaktereigenschappen van een speelster. Ze moet passen in ons team
en in onze speelstijl. Het gaat erom het risico van een miskoop
zoveel mogelijk te beperken, al sluit je deze nooit uit.
Momenteel
strijdt ProBuild jaarlijks mee om de prijzen, mede door het succesvol
scouten. Voor Nederlandse speelsters en het Nederlands basketbal zou
het van toegevoegde waarde zijn als een dergelijke topclub ook op
Europees niveau uitkomt. Als het Nederlands kampioenschap het plafond
is, stabiliseert de groei op een gegeven moment ook al. Is Europees
basketbal een realistische optie voor de Lions?
Europa
is zeker een wens, maar ik denk niet dat we dat het komende jaar al
realiseren. Het beleid is om het elk jaar sportief, organisatorisch
en financieel een stukje beter te doen. Over het geheel genomen lukt
dat, maar financieel hebben we met de crisis van het afgelopen jaar
wel een tikje gehad. Daardoor is ook ons budget teruggelopen. Niet
rampzalig, maar we voelen het wel. De kosten voor het spelen in
Europa zijn tweeledig. Enerzijds heb je de reis- en verblijfskosten
en dergelijke, wat al gauw neerkomt op zo'n 15.000 euro per ronde.
Anderzijds zul je om serieus mee te kunnen doen ook nog extra
versterking moeten halen in de vorm van Europa-waardige speelsters.
En dan gaat de teller pas echt lopen. Op dat punt zitten we momenteel
echt nog niet.
Is
dit een punt waar het NOC*NSF, met het oog op de eventuele Olympische
Spelen van 2028, een rol in zou kunnen spelen? Of ben je dan volledig
aangewezen op sponsors en investeerders?
NOC*NSF
richt zich voor zover ik weet vooral op nationale teams. De
prestaties daarvan bepalen je ranking
als sportnatie. En daarmee zijn weer allerlei economische belangen
verbonden. Daarom wordt er zoveel overheidsgeld in geïnvesteerd. Het
CTO bijvoorbeeld is er vooral op gericht speelsters op te leiden om
het nationale team sterker te maken. Als club ben je volledig
aangewezen op eigen sponsors. In sommige gevallen wil een gemeente
nog wel eens bijspringen, maar daarover hoeven wij ons in het dorpje
Landsmeer weinig illusies te maken.
Zijn
er nog andere manieren om het Nederlands basketbal te laten groeien,
buiten het laten spelen in Europa van de topclubs?
Daar
kan ik heel kort mijn persoonlijke mening over geven: we zullen op de
lange termijn moeten denken. Er moet een breed onderschreven beleid
komen, dat gebaseerd is op meerdere peilers. Het basketbal moet een
veel bredere grondslag krijgen. Hoe meer basketballers, hoe groter de
kans dat er natuurtalent tussen zit. Daarom moeten er nog veel meer
schoolprogramma's komen om kinderen van rond de tien jaar aan het
basketballen te krijgen. Als de kinderen daarvoor kiezen, moeten er
in de clubs goede trainers klaarstaan om ze op te vangen. Nu worden
de jongste groepen nog vaak overgelaten aan goedwillende ouders die
vroeger ook wel eens een balletje hebben gegooid. Ten tweede zou het
mooi zijn als er meer regionale talentontwikkelingscentra komen voor
jeugd tussen de veertien en achttien jaar oud. Clubs kunnen daarin
samenwerken. Het landelijke CTO zou zich ook zoveel mogelijk op jonge
talenten moeten richten. Het beleid zou meer in overleg met de clubs
moeten worden bepaald. Er moet een win-win situatie komen, niet de
concurrentie om de speelsters die we nu hebben. Ten derde moet de NBB
veel meer aandacht schenken aan de opzet, onderhoud en ondersteuning
van sterke en gezonde eredivisiecompetities, want de clubcompetitie
vormt nog steeds de basis van de sport. Nu lijkt het soms of alleen
de nationale teams van belang gevonden worden.
Is
het, als je naar de situatie van ProBuild kijkt, mogelijk om
dergelijke talentopleidingscentra voor vijftien- tot achttienjarigen
te koppelen aan eredivisieclubs?
Wij
zouden dat graag zien gebeuren en willen daaraan meewerken. We zijn
aan het nadenken over een opzet met wie we daarin kunnen samenwerken.
De NBB komt binnenkort met richtlijnen voor zulke talentcentra. Daar
gaan we dan heel goed naar kijken.
Welke
rol kan het DEC spelen om de groei van het vrouwenbasketbal te
bevorderen, ook gekeken naar het speelveld waarin deze commissie kan
opereren?
De
oprichting van de DEC vind ik en grote stap vooruit. In een jaar is
er al veel bereikt: afspraken over de aanstelling van Amerikaanse
speelsters, een competitiegids, de instelling van de Supercup en het
All Stargala, bijvoorbeeld. De eredivisie moet beter in de markt
gezet worden en dit zijn de eerste stappen. De DEC pikt de zaken op
die de NBB heeft laten liggen en doet dat op de juiste manier,
namelijk in nauw overleg met de clubs. Ik ben daar persoonlijk blij
mee.
Wat
versta je onder sterke en gezonde eredivisiecompetities en wat moet
er qua opzet, onderhoud en ondersteuning vanuit de NBB anders dan op
dit moment gebeurt?
Waar
het vooral om gaat, is dat we de eredivisiecompetitie moeten
beschouwen als een gezamenlijk product.
Dat product willen we zo goed mogelijk maken en professioneel
promoten. Die professionaliteit kunnen we als clubs niet stukvoorstuk
in huis halen, maar op bondsniveau kan dat misschien wel. Er moet
meer publiek komen, meer belangstelling van de pers en vooral de
televisie. We zitten wat dat betreft met onze sponsorinkomsten tegen
een plafond aan. Geen sponsor gaat meer dan enkele tienduizenden
euro's neerleggen als je - zoals wij in het vrouwenbasketbal -
niet op TV of in de landelijke pers komt. Dus blijven we over het
geheel genomen in een stadium van amateurisme hangen. Een doorbraak
bereiken is uiterst moeilijk, maar dat is geen reden om het te laten
liggen. Een eerste stap is dat je het zo moet regelen dat
eredivisiewedstrijden aantrekkelijke gebeurtenissen vormen. Dat
moeten de clubs zelf organiseren, maar op een hoger niveau betekent
het bijvoorbeeld een stabiele competitieopzet, die niet elk jaar
wijzigt. Het betekent ook dat de kwaliteit van de arbitrage niet al
te veel moet achterblijven bij het niveau van de wedstrijden. Een
normale promotie/degradatie-situatie zou ook prettig zijn. En dat we
een bondscoach hebben die tevens clubcoach is, vind ik ook niet erg
gezond. De DEC kan veel betekenen, maar er is meer sturing en visie
nodig vanuit de NBB. Men is daar onder NOC*NSF-invloed nu bijna
volledig gefocust op de nationale teams. Die zijn zeker belangrijk,
maar zonder sterke competities zullen onze nationale tams niet
structureel aan de top kunnen verblijven, denk ik. De NBB zou dat
moeten zien.
Tot
slot, als we alles op een rij zetten, zou je kunnen concluderen dat
er nog heel veel beleidsveranderingen op club- en bondsniveau
mogelijk zijn om de potentie die toch aanwezig is te ontsluiten in
Nederland. Als je realistisch kijkt naar deze mogelijkheden, het
verleden en de diverse factoren, waar denk je dan dat de ProBuild
Lions zullen staan over vijf jaar?
Ik
heb geen idee. Ik kan hoogstens zeggen waarnaar we streven. Dat is
een club die over een goede jeugdopleiding beschikt, samenwerkt met
andere clubs en scholen voor wat betreft toptalentontwikkeling en een
club waarvan de dames nog steeds aan de top staan en hun eerste
schreden in Europa hebben gezet. Maar we moeten realistisch zijn. Het
sponsorplafond waarover ik het had, is moeilijk te doorbreken. En
basketbaleredivisieclubs zijn in Nederland per definitie onstabiel.
Er hoeven maar wat grotere sponsoren weg te vallen of een paar
vrijwilligers te stoppen, en de tent gaat plat. Helaas zijn er genoeg
voorbeelden te vinden.
©
Foto's: Tine Sierink
Meer Powerforward.nl
- “TIJD VOOR NIEUWE GENERATIE BASKETBALBESTUURDERS”
- b l o g – GROOTMOEDIGHEID OF KLEINZIELIGHEID?
- EREDIVISIE SPELEN VAN 25.000 EURO
- b l o g – STROPDAS EEN STUKJE STRAKKER
- EEN KORTE UPDATE VOOR MIJN LEZERS
- GEZELLIGE BEDOENING IN BEMMEL
- b l o g - KLAAR MET DIE HORDES AMERIKANEN
- “JONGEREN MOTIVEREN MEER TE BEWEGEN EN TE SPORTEN”
- b l o g - JA, IK BEN ERMEE GESTOPT
- “O NEE, DACHT IK, NIET WEER!”
- b l o g - EINDELIJK WEER NBA
- “JE ZIET DAT WIJ GEEN MOMENT OPGEVEN”
- SLORDIG, SPANNEND DUEL EREDIVISIEDEBUTANTEN
- YVONNE VAN DAALEN NAAR LEKDETEC.NL
- QUARTERBACK VOOR MAGIXX PLAYING FOR KIDSRIGHTS
- BATOUWE BASKETBALL GAAT LEKDETEC.NL HETEN
- SERIEUZE VERSTERKING VOOR WCAA GIANTS
- MARKEL HUMPHREY WEER IN HET LIMOENGROEN
- CTO AMSTERDAM IN DE NBB DAMESEREDIVISIE
- “WEINIG MENSEN DIE ÉCHT WETEN WAT IK ERVOOR GEDAAN HEB”
- “JE MOET VERTROUWEN IN JEZELF ÉN ELKAAR HEBBEN”
- “JE KUNT ER ALLEEN MAAR BETER VAN WORDEN”
- “WE ZIJN EEN CLUB DIE MET HET HART WIL WERKEN”
- DIVISION III-SPELER VOOR LANDSTEDE BASKETBAL
- COLLEGE-TOPPER VOOR MAGIXX PLAYING FOR KIDSRIGHTS
- ZWARE KNIEBLESSURE KRIS BIESTERS
- “IK GA HEUS NOG WEL EENS IN DE NBA SPELEN”
- NEDERLANDSE ROLLERS EUROPEES KAMPIOEN
- GROOTSE OPENING SEIZOEN NBB DAMESEREDIVISIE
- FIBA EUROPE SCHAFT DIVISIESTRUCTUUR AF










